Het verbruik van traditionele fossiele brandstoffen heeft problemen veroorzaakt zoals energietekort en vervuiling. Biomassabrandstof is vanwege zijn energiebesparing, milieubescherming en hernieuwbaarheid een belangrijke keuze geworden om traditionele brandstoffen te vervangen, en de CO2-uitstoot is veel lager dan die van steenkool en olie.
Er zijn twee belangrijke manieren waarop biomassa traditionele brandstoffen kan vervangen. Eén daarvan is directe verbranding, dat wil zeggen het vermalen van biomassa tot kleine deeltjes en deze als brandstof in ovens plaatsen, uitgerust met een transport- en doseersysteem. De andere is het omzetten van biomassa in biogas via een vergasser.
Een vergasser maakt gebruik van vergassings- en pyrolysetechnologie om biomassa te ontleden in brandbare gassen zoals koolmonoxide en waterstof in een omgeving met hoge temperaturen en zuurstofgebrek. Na zuiveringsbehandeling kan het worden gebruikt als industriële grondstof, met een hogere benuttingsgraad en minder uitstoot van verontreinigende stoffen. Beide methoden zijn eenvoudig te bedienen en kostenbeheersbaar, waardoor de doelstellingen van optimalisatie van de energiestructuur en milieubescherming worden bereikt.